Bayern München – Bayer Leverkusen. Het jaar 2014 zit er ook voor Arjen Robben bijna op. De Nederlander kan terugkijken op een uitstekend kalenderjaar, waarin hij zowel schitterde bij Oranje als zijn club Bayern München. Vanmiddag hoopt de aanvaller van waarde te kunnen zijn in het competitieduel met Bayer Leverkusen.

Met Bayern veroverde Robben in 2014 de landstitel, terwijl hij met het Nederlands elftal totaal onverwachts als derde eindigde op het WK voetbal in Brazilië. Hoogstpersoonlijk nam de Bedummer zijn land bij de hand, door zich met individuele acties te kronen tot een van de beste spelers van het toernooi. Hoewel Robben dit jaar geen kans meer maakt op het winnen van de Gouden Bal, spreekt de aanvaller zelf van ‘misschien’ het beste jaar in zijn carrière.

Nog steeds hongerig

De inmiddels 30-jarige Robben merkt dat hij de laatste jaren steeds belangrijker is geworden voor zijn club en land. “Het wordt gezegd dat het geldt voor het laatste anderhalf jaar. Maar naar mijn idee is dat al langer het geval. Ik heb alles onder controle en kan van mijn spel genieten”, vertelt de aanvaller in gesprek met Kicker. “Ik ben nog steeds hongerig, eerzuchtig. Misschien is ook het mijn leeftijd; ik ben ontspannen en voel me goed.”

Op papier is de wedstrijd van vanmiddag tegen Leverkusen een topaffiche, hoewel dat slechts schijn is. Bayern is namelijk de ongenaakbare koploper in de Bundesliga en heeft een voorsprong van liefst tien punten op de aankomende tegenstander, die derde staat. Bovendien kreeg de ploeg van trainer Josep Guardiola in de laatste zes thuiswedstrijden in de Bundesliga slechts één doelpunt tegen. Tegenstander Leverkusen kan bovendien niet bepaald buigen op een goede uitreeks, want het won slechts een van haar laatste vijf wedstrijden op vreemd terrein.

Beter en beter

Robben, die in negen competitiewedstrijden al zes doelpunten wist te maken, is klaar voor de confrontatie met Leverkusen. De aanvaller mag inmiddels een routinier genoemd worden, maar daarmee is zijn ambitie niet verdwenen. “Ik wil altijd meer en beter worden. En ik heb het gevoel dat ik nog een stap voorwaarts kan maken. Het gaat om de algemene ontwikkeling en geen bepaalde details.”